Antwoorden op Kamervragen over stijging BPM door nieuwe CO2-emissietest

Nu de eerste testresultaten van de WLTP-testmethode voor de CO2-uitstoot bekend zijn, rijst de vraag of de nieuwe methode wel budgetneutraal uitpakt voor de BPM.

Bij de nieuwe testmethode wordt op een verbeterde wijze de CO2-uitstoot van nieuwe auto’s bepaald. Omdat nog niet alle auto’s met die nieuwe WLTP-testmethode getest zijn, wordt de uitkomst ter vergelijking met een Europese rekentool teruggerekend naar een waarde volgens de oude (NEDC-)methode. Die teruggerekende waarde geldt in 2018 ook voor de BPM.

Dat zou budgetneutraal moeten uitpakken. Zo schreef toenmalig staatssecretaris Wiebes van Financiën bij de behandeling van het Belastingplan 2017 aan de Tweede Kamer: “Deze tool zorgt ervoor dat er in principe geen verschil in verschuldigde belasting zou moeten zijn voor een auto die overeenkomstig de NEDC of de WLTP is getest”. 

Diverse media berichtten begin januari 2018 echter dat de uitkomst met de nieuwe test wel degelijk tot BPM-stijging kan leiden. Vanuit de Tweede Kamer is opheldering gevraagd bij de nieuwe staatssecretaris van Financiën, Menno Snel. Hij heeft de Kamervragen inmiddels beantwoord. Kern van dat antwoord is dat de totale BPM door de wijziging van NEDC naar WLTP inderdaad niet zo moeten stijgen, maar dat er op dit moment onvoldoende betrouwbare uitstootcijfers beschikbaar zijn om te beoordelen of de gemiddelde BPM op WLTP-geteste auto's hoger of lager uitvalt. De staatssecretaris zegt toe dat hij dit nauwlettend zal blijven monitoren. Die monitoring wordt uitgebreid met betrokkenheid van TNO en de autobranche. Zo snel als dat op basis van data mogelijk is zal een budgetneutrale omslag naar een BPM-berekening op basis van WLTP-testuitslagen worden gemaakt. Wij blijven het voor u volgen!