Parkeren met groene platen bij huis niet toegestaan

Autobedrijven kunnen voor auto’s die tot hun bedrijfsvoorraad behoren of die ter reparatie zijn aangeboden het zogenaamde handelaarskenteken met de bekende groene kentekenplaten gebruiken. Maar het luistert best nauw met de voorwaarden daarvan.

Een belangrijke voorwaarde is te lezen in artikel 44 lid 4 van het kentekenreglement: “Een handelaarskenteken mag uitsluitend worden gebruikt indien met het voertuig als bedoeld in het tweede en derde lid gebruik van de weg wordt gemaakt in het kader van bedrijfsactiviteiten van het erkende bedrijf of de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie het handelaarskenteken is opgegeven”.

Bij een autobedrijf uit een recente procedure was door de belastingdienst geconstateerd dat een auto met handelaarskenteken voor woon-werkverkeer gebruikt was. Een naheffing van motorrijtuigenbelasting (met 100% boete) volgde. Het autobedrijf stelde dat er sprake was van gebruik de weg met het handelaarskenteken in het kader van haar bedrijfsactiviteiten. In het bezwaarschrift werd aangevoerd dat een werknemer met de auto waarop het handelaarskenteken was aangebracht naar zijn huisadres is gereden bij wijze van testrit na een reparatie. Daar heeft de werknemer de auto geparkeerd, om er de volgende dag mee terug naar het adres van het autobedrijf te rijden.

De belastingdienst was van mening dat daarmee niet voldaan wordt aan de eis van gebruik voor bedrijfsactiviteiten. Volgens de rechtbank eindigde het gebruik van de weg in het kader van de bedrijfsactiviteiten in elk geval zodra haar werknemer de auto bij zijn huisadres parkeerde. Op dat moment was er volgens de rechtbank geen sprake meer van een proefrit. Het weggebruik in de zin van de motorrijtuigenbelasting duurde echter nog wel voort. Zowel de naheffing van 425 euro als de boete van 100% bleven in stand.